Wat zit er achter de laatste geweldsgolf in Jeruzalem?

zondag 24 oktober 2021 |  Yochanan Visser
De media hebben hun best gedaan om de huidige gespannen situatie in Jeruzalem te negeren, maar de spanningen lopen snel op naar een  kookpunt. Hoe zijn deze spanningen ontstaan en wie heeft er belang bij het voeden van deze onrust?

Afbeelding: Palestijnen botsen met Israëlische politie buiten de Damascuspoort in het centrum van Jeruzalem. (Foto: Jamal Awad/Flash90)

Als we de nieuwsberichten bijhouden, die dezer dagen door Israëls drie grote TV-stations worden uitgezonden, zou men gemakkelijk tot de conclusie kunnen komen dat binnenlandse politieke aangelegenheden, of de vele gevallen van criminaliteit, de belangrijkste kwesties zijn waarover wordt bericht.

En wanneer bijvoorbeeld aan het eind van een anderhalf uur durend programma, de zeer gespan­nen en explo­sieve situatie in Jeruzalem aan de orde komt, wordt er nauwelijks iets gezegd over de diepere oorzaken van het steeds meer toene­mende geweld door Palestijnse Arabieren.

Maor Tzemach, voorzitter van de NGO ‘Your Jerusalem' bekritiseerde de Israëlische media deze week scherp over hun terug­houdende bericht­geving over Arabisch geweld in Jeruzalem, en hij beweerde dat ze op hun hoede zijn om verslag te doen over de harde realiteit ter plaatse, omdat ze de huidige regering, die een Arabische Islamis­tische partij en een extreem-linkse partij in haar gelederen heeft, niet in verlegenheid willen brengen.

Laten we eens kijken naar deze harde realiteit ter plaatse, en naar hetgeen de huidige rellen in de buurt van de Oude Stad van Jeruzalem aanwakkert.

De afgelopen week hebben de Israëlische politie en agenten van de grens­politie dagelijks te maken gehad met honderden rellende Arabieren, die optrekken naar de  Damascus­poort (Sha'ar Shechem in het Hebreeuws) om stenen en molotov­cocktails naar Israëlische Joden en politieagenten te gooien.

Jongstleden woensdag bijvoorbeeld arresteerde de politie 22 Arabieren en moest zij waar­schuwings­schoten in de lucht afvuren, in een poging de geweld­dadige menigte uiteen te drijven.

De relschoppers gooiden stenen naar passerende Israëlische auto's en een lijnbus, waarbij enkele ruiten werden stukgegooid. Een 38-jarige man en een 16-jarige Joodse jongen raakten gewond bij het busincident, en zij moesten worden behandeld door de  EHBO-organisatie Magen David Adom.

Palestijnse jongeren worden gearresteerd na het stenen gooien naar voertuigen in het centrum van Jeruzalem. (Foto: Jamal Awad/Flash90)

Hamas, Turkije, de Palestijnse Autoriteit en Islamistische activisten zijn degenen die het vuur van de strijd aan­wak­keren in Jeruzalem, waarbij ze het voorwendsel 'Israëlische kolonisten die de Al-Aqsa Moskee bestormen’ als excuus gebruiken om de massa's op te hitsen.

In de werkelijkheid zijn het echter geen Israëlische Joden die de moskee willen binnengaan, omdat zij alleen de plaats bezoeken waar de twee Joodse Tempels ooit stonden, voordat deze werden verwoest, en daar soms kort een gebed opzeggen.

De gewelddadige rellen laaiden weer op nadat een rechter van de rechtbank van Jeruzalem een vonnis had uitgesproken, dat Joden die de Tempelberg bezoeken - de heiligste plaats in het Judaïsme - voor de allereerste keer sinds lange tijd toestaat om stille gebeden te bidden.

De uitspraak kwam nadat de politie Rabbi Aryeh Lippo de toegang tot de Tempelberg had ontzegd, waar hij gewoonlijk dagelijks een gebed uitsprak. Rechter Bilha Yahalom schreef in haar vonnis het volgende: 'Zijn (Rabbi Lippo's) dagelijkse komst naar de Tempelberg maakt duidelijk dat dit voor hem een principiële en inhoudelijke zaak is'.

Moslims protesteren tegen Joden die bidden, zelfs in stilte, op de Tempelberg na de uitspraak van rechter Yahalom. (Foto: Jamal Awad/Flash90)

Yahalom's uitspraak werd later vernietigd door het Israëlische Hooggerechtshof, maar dat, samen met talrijke verklaringen van Israëlische ministers die de voortzetting van de zoge­naamde status quo beloven, heeft niet geholpen om een escalatie van het dagelijkse geweld te voorkomen.

De aan Hamas gelieerde sheik Akrama Sabri is een van de hoofd­rol­spelers in deze ophitsings-campagne, die de dagelijkse rellen aanwakkert, maar ook de leider van de Palestijnse Autoriteit, Machmoud Abbas, speelt hierin een belangrijke rol.

Abbas verklaarde deze week tijdens een vergadering van het Uitvoerend Comité van de PLO dat 'een echte confrontatie met de bezetting' noodzakelijk was geworden, en noemde vervolgens de beschul­diging van 'herhaalde aanvallen van kolonisten op de Al-Aqsa Moskee' als een van de excuses voor zijn heftige retoriek.

'Partner voor vrede' Machmoud Abbas draagt zijn steentje bij aan het aanzetten tot het huidige geweld. (Foto: Flash 90)

Cultuur van bloedvergieten

In dit opzicht verschillen Abbas en de Palestijnse Autoriteit niet van Hamas, die deze week de nieuwe studio's van haar spreekbuis Al-Aqsa Television opende, en de Palestijnse Arabieren beloofde dat 'bezet Al Quds (Jeruzalem) spoedig bevrijd zou worden’. 

Itamar Marcus, de directeur van Palestinian Media Watch (PMW), heeft zojuist een exposé gepubliceerd over hoe de PA 'de cultuur van het vermoorden van Israëli’s’ bejubelt en oproept tot verzet tegen Israël.

Bij de start van een 'cultuurfestival' in Bethlehem 'hebben het Palestijnse ministerie van Cultuur en de PLO-commissie voor Gevangenen­zaken een tentoon­stelling opgezet met foto's en namen van talrijke terroris­tische gevan­genen die ten minste 46 Israëli's hebben vermoord, en terroristische 'martelaren' die verant­woor­de­lijk zijn voor de dood van ten minste 136 mensen’, meldde Marcus.

Het één jaar durende evenement in Bethlehem startte in april, toen Abbas zelf naar de stad kwam, die ooit een meerderheid van een christelijke bevolking huisvestte, maar sinds de oprichting van de PA is veranderd in het zoveelste Islamitische bolwerk.

'Terwijl Joden Bethlehem vereren als de begraaf­plaats van de matriarch Rachel en Christenen de stad eren als de geboorte­plaats van Jezus, gebruikt de PA Bethlehem vaak als stad om de PA-steun voor terreur te benadrukken', aldus Marcus.

PMW onthulde dat het ‘culturele evenement’ in Bethlehem een ceremonie omvatte ter ere van zogenaamde Shahids (martelaren), terroristen die verant­woor­delijk waren voor de massa­moord op Israëlische Joden, en een parade in de stad door gemaskerde en zwaar­bewapende Fatach-leden.

Er was ook een tentoonstelling met posters van beruchte Palestijnse massa­moordenaars, zoals Salah Khalaf (alias Abu Iyad), die aan het hoofd stond van de Zwarte September-organisatie die verant­woor­de­lijk was voor het bloedbad in München, tijdens de Olympische Spelen van 1972 in Duitsland.

De Palestijnen hebben een cultuur gecultiveerd waarin terrorisme en ‘martelaar­schap' worden verheerlijkt. Hier houden jonge Palestijnse jongens een poster vast ter ere van Ibrahim Akkari, die werd dood­geschoten tijdens het plegen van een ramaanval met een auto in Jeruzalem in 2014, waarbij acht mensen gewond raakten en één dode viel. (Foto: Sliman Khader/Flash90)

De rol van Turkije

De opruiing door de twee Palestijnse entiteiten in Israël is niet de enige reden waarom de situatie in Jeruzalem zo explosief en geweld­dadig is geworden.

De activiteiten van Islamistische organisaties die worden gesteund door het regime van de Turkse president Recep Tayyip Erdoğan vormen een andere factor in het aanhoudende geweld. Vorig jaar hield Erdoğan een toespraak waarin hij zichzelf voorstelde als de hoeder van Jeruzalem, en zei dat de hoofdstad van Israël 'een rode lijn’ is wat hem betreft.

Vervolgens zei hij dat zijn standpunt over ‘Palestina' hetzelfde was als dat van sultan Abdul Hamid II, de laatste Ottomaanse sultan die de zionistische droom trachtte te dwars­bomen, en een reeks beperkende maat­regelen nam tegen Joden, die rond de eeuw­wisseling in Israël aankwamen, en die tegen de verkoop van ‘Pales­tijns' land aan ‘buiten­landse’ Joden optrad.

Net als Hamid beschouwt Erdoğan het huidige Israël als Ottomaans eigendom, en daarom zei hij vorig jaar dat Jeruzalem in feite een Turkse stad is, en beweerde dat het bewijs daarvoor was dat een andere Ottomaanse sultan (Suleiman) de muren rond de Oude Stad heeft gebouwd. Zie ook: Waarom beweert Turkije 'Jeruzalem is van ons'?

De Turkse president Recep Tayyip Erdogan ziet zichzelf als de nieuwe sultan van het Midden-Oosten. (Foto: EPA-EFE/TOLGA BOZOGLU)

Tijdens een toespraak in mei van dit jaar riep de Turkse dictator de moslimnaties opnieuw op om 'zich te verenigen tegen Israël'.

Ook in daden laat de Turkse president blijken dat hij zichzelf beschouwt als de bescherm­heer van Jeruzalem. Het Erdoğan-regime investeert tientallen miljoenen dollars per jaar in zogenaamde dawa, (zendings)­activiteiten van burger­verenigingen, non-profit­organi­saties en basis­organisaties in Arabisch Jeruzalem.

Hun doel is om jonge Arabieren aan te trekken, die vervolgens worden gehersen­spoeld via onderwijs­programma’s welke worden gefinancierd door het Turkse regime, dat zijn diplomatieke missies gebruikt om zijn invloed onder de Arabische massa's in Jeruzalem te vergroten.

Tot nu toe heeft de Turkse president gezwegen over de jongste golf van geweld in Jeruzalem, terwijl hij in mei jongstleden, voor en tijdens de 11-daagse oorlog tussen de Palestijnse terreur­groepen in Gaza en Israël, veelvuldig opruiende retoriek gebruikte om de strijd aan te wakkeren. Erdoğan noemde Israël toen 'een terroris­tische staat' en een 'wrede terrorist', terwijl hij de ‘afschuwelijke' aanvallen van Israël op de Al-Aqsa moskee veroordeelde.

Wilt u meer nieuws over Israël ontvangen? Klik hier voor de dagelijkse gratis e-mail nieuws­brief.

Blijf op de hoogte van de gebeurtenissen in Israël via onze GRATIS nieuws update en aanbiedingen, u ontvangt deze direct in uw email inbox.