Israëls Onaf­hanke­lijk­heids­verklaring: een analyse

donderdag 16 september 2021 |  Jason Silverman
Toen David Ben Goerion op 14 mei 1948 het einde van het Britse Mandaat aankondigde en de oprichting van de Staat Israël uitriep, ging een bijna 2000 jaar oude droom in vervulling. Wat was de eerste boodschap die de herboren, soevereine Joodse Staat aan de wereld en het Midden-Oosten zou sturen?

De terugkeer van de Joden uit de balling­schap was op dat moment niet langer alleen maar een gebed, dat drie keer per dag in de synagogen werd uitge­sproken. De poorten van Sion waren nu permanent open, en iedere Jood die dat wenste, kon zich nu vestigen in het vaderland van zijn voorouders.

De Onafhankelijkheids­verklaring werd om 16 uur ondertekend en voorge­lezen tijdens een speciale ceremonie in het museum van Tel Aviv (nu Onaf­hanke­lijk­heids­hal), in aanwezigheid van de voorlopige regering en ongeveer twee­honderd andere genodigden. Het evenement werd vooraf niet breed uitge­meten uit vrees dat de Britse autoriteiten zouden trachten in te grijpen. Het was ook bedoeld om een vroegtijdige invasie door de Arabische legers te voorkomen. Aan het begin van het evenement werd de verklaring live uitgezonden als eerste programma van Kol Israël (Stem van Israël, de Israëlische radio-omroep). Joodse families in het hele land verzamelden zich rond hun radio's en stemden af om de historische verklaring te horen.

Wat staat er dan in de Israëlische Onaf­hanke­lijk­heids­verklaring?
In het eerste deel wordt de Joodse band met het land Israël vastgesteld en wordt het proces beschreven van de terugkeer van het Joodse volk naar het vaderland van zijn voorouders. Daarin staat dat het land de geboorte­plaats is van het Joodse volk, waar zijn spirituele, religieuze en politieke identiteit werd gevormd en waar het de wereld het ‘eeuwige Boek der Boeken’, de Bijbel, schonk.

De Bijbel geeft ons informatie over al deze ontwik­ke­lingen. Hij beschrijft het zelfbestuur van het Joodse volk door verschillende koningen, zoals David en Salomo. Het beschrijft het geestelijke proces dat nodig was om Gods volk te worden, eerst door het verbond met Abraham, dan door Mozes, na het ontvangen van de Torah op de berg Sinaï, en later na het binnengaan van het land Israël onder leiding van Jozua.

In de verklaring wordt gewezen op de aanhoudende inspanningen van opeen­volgende Joodse generaties, om door voortdurend gebed en immigratie naar het land terug te keren. Het prijst de vroege pioniers die kwamen om te zorgen voor de ontwikkeling van het land en de vernieuwing van de Joodse cultuur en de Hebreeuwse taal.

In het volgende gedeelte wordt het recht van het Joodse volk vastgesteld om een eigen natiestaat te stichten in het Land Israël. Het beschrijft hoe Theodore Herzl met het Eerste Zionistische Congres (1897) een geor­gani­seerde politieke activiteit in gang zette die de weg vrijmaakte voor de bevordering van de zionistische zaak op het inter­nationale toneel.

Ook wordt de aandacht gevestigd op de erkenning van dit recht door inter­nationale instellingen zoals de Volkenbond, die in november 1917 de Verklaring van Balfour heeft goedgekeurd, waarin het recht van het Joodse volk op de vestiging van een nationaal thuisland in het land Israël wordt bevestigd, en de resolutie die de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties op 29 november 1947 heeft aange­nomen en waarin wordt opge­roepen tot de oprichting van een onafhankelijke Joodse Staat in dit land.

De verklaring schrijft het recht van het Joodse volk niet alleen toe aan de besluiten van inter­nationale instellingen. Het verwijst ook naar de catastrofe van de Holocaust, die slechts drie jaar voor de onaf­hanke­lijk­heid van Israël eindigde. Daarin wordt uitgelegd dat de Holocaust de dringende noodzaak heeft aangetoond om het probleem van de Joodse ‘dakloosheid’ op te lossen door opnieuw een Joodse Staat in het Land Israël te vestigen.

Na de gedeelten waarin de Joodse verbondenheid met het land wordt uiteengezet en waarin het onbe­twistbare recht van Israël, zowel historisch als volgens het inter­nationale recht, op de vestiging van een onaf­hankelijke Joodse staat wordt toegelicht, wordt de onaf­hanke­lijk­heid officieel uitgeroepen.

Een Joodse en democratische Staat
De verklaring gaat verder met de aankondiging wat de nieuw opgerichte Joodse Staat zal doen.
Ten eerste zal de Staat Israël een land zijn dat openstaat voor alle Joden over de hele wereld die zich in Israël willen vestigen, waarmee de bijeenkomst van de ballingen wordt vervuld. Het maakt echter duidelijk dat Israël geen Staat zal zijn die alleen de belangen van zijn Joodse burgers behartigt. Zij zal zorgen voor volledige gelijkheid van sociale, religieuze en politieke rechten voor al haar inwoners, ongeacht hun godsdienst, ras of geslacht. Israëls gehechtheid aan Joodse en demo­cratische waarden is verankerd in zijn Onaf­hanke­lijk­heids­verklaring.

Tenslotte laat Israël zien dat het een Staat is die de vrede in de wereld zal bevorderen. Vanaf het begin heeft Israël verklaard dat het de 'hand van vrede' uitstrekt naar al zijn buurlanden en -volken. De verklaring richt zich tot de gehele regio en beoogt ‘banden van samen­werking’ te smeden en ‘een bijdrage te leveren aan een gemeen­schappe­lijke inspanning voor de vooruit­gang van het gehele Midden-Oosten’.  

Wilt u meer nieuws over Israël ontvangen? Klik hier voor de dagelijkse gratis e-mail nieuws­brief.

Blijf op de hoogte van de gebeurtenissen in Israël via onze GRATIS nieuws update en aanbiedingen, u ontvangt deze direct in uw email inbox.