Shabbats­lezingen: Het gevaar van de rijkdom

vrijdag 26 juni 2020 |  Redactie Israeltoday.nl
Durven we op God vertrouwen voor ons levens­onder­houd, of hebben we twijfels over zijn zorg voor ons?

Willen we op een slinkse manier ons bezit vergroten, zorgen dat we zelf niets tekort komen, en de dienst aan God hiermee minachten?

De Bijbelgedeelten voor de komende shabbat Korach zijn:

✡ Torahlezing: Numeri 16-18,
✡ Profetenlezing: 1 Samuel 11:14 – 12:22,
✡ Brit Chadashah, Nieuwe Testament: Handelingen 5:1-11.
In verband met het thema wijken we daar van af.

Een gedeelte uit de Torahlezing
De levieten en priesters, die dienst deden in het heiligdom, ontvingen voor hun dienst een deel van de offers die werden gebracht en een deel van de tienden. Daarnaast hadden zij, verspreid over de stammen, hun weidegronden. Zo zorgde god voor hen. Van hun inkomsten gaven zij de tienden aan de hogepriester.

De HEERE sprak tot Mozes: U moet ook tot de Levieten spreken en tegen hen zeggen: Wanneer u van de Israëlieten de tienden ontvangt, die Ik u gegeven heb als uw erfelijk bezit onder hen, dan moet u daarvan voor de HEERE een hefoffer brengen, de tienden van die tienden. Het zal u toegerekend worden als uw hefoffer, als het koren van de dorsvloer en de inhoud van de perskuip. Zo moet ook u een hefoffer voor de HEERE brengen van al uw tienden, die u van de Israëlieten ontvangt, en u moet het hefoffer daarvan voor de HEERE aan de priester Aäron geven. Van alles wat u geschonken wordt, moet u elk hefoffer voor de HEERE brengen, van al het beste ervan, als heilige gave daarvan. U moet tegen hen zeggen: Wanneer u het beste ervan brengt, zal het de Levieten toegerekend worden als de opbrengst van de dorsvloer en de opbrengst van de perskuip. U mag dat op elke plaats eten, u en uw huis, want dat is uw loon als vergoeding voor uw dienst in de tent van ontmoeting. U zult daardoor geen zonde op u laden, als u het beste ervan brengt. Zo zult u de geheiligde gaven van de Israëlieten niet ontheiligen, opdat u niet sterft.
Numeri 18:25-32 (HSV).

Een gedeelte uit de Profetenlezing
De twee zonen van de priester Eli zorgden meer voor zichzelf, voor hun eigen buik, dan voor het altaar van de Heer. 'Zij kenden de HEERE niet´, zij hadden geen ontzag voor de God van Israël. Door hun gedrag, hun voorbeeld, dwaalde het volk van God vandaan.

De zonen van Eli echter waren verdorven mannen; zij kenden de HEERE niet. Want de handelwijze van deze priesters met het volk was: wanneer iemand een offer bracht, kwam de knecht van de priester, terwijl het vlees kookte, met een drietandige vork in zijn hand, stak die in de kookpot, in de ketel, in de pan of in de pot, en alles wat de vork optrok, nam de priester voor zichzelf. Zo deden zij met al de Israëlieten die daar in Silo kwamen. Ook vóór zij het vet in rook lieten opgaan, kwam de knecht van de priester en zei tegen de man die het offer bracht: Geef dat vlees om te braden aan de priester, want hij wil geen gekookt vlees van u aannemen, maar rauw. En wanneer die man tegen hem zei: Zij moeten dat vet beslist eerst in rook laten opgaan; neem daarna voor uzelf zoals uw ziel verlangt, dan zei hij tegen hem: Nee, u moet het nú geven, en zo niet, dan neem ik het met geweld. Zo was de zonde van deze jongemannen voor het aangezicht van de HEERE erg groot, want de mensen verwierpen [hierdoor] het offer van de HEERE.
1 Samuel 2:12-17 (HSV).

Een gedeelte uit het Nieuwe Testament
God is heel streng tegen mensen die Hem bewust onge­hoorzaam zijn, Hem bedriegen of in opstand komen. Ananias verkoopt een bezitting, brengt een deel van de opbrengst aan de apostelen en doet alsof hij alles geeft. Door een woord van kennis brengt Petrus het bedrog aan het licht. Zij overleven hun bedrog niet; zo groot en ontzagwekkend is God, Hij laat niet met zich spotten.

En een zekere man, van wie de naam Ananias was, verkocht samen met zijn vrouw Saffira een eigendom, en hield een deel van de opbrengst achter, ook met medeweten van zijn vrouw, en hij bracht een bepaald gedeelte en legde dat aan de voeten van de apostelen. En Petrus zei: Ananias, waarom heeft de satan uw hart vervuld, zodat u gelogen hebt tegen de Heilige Geest en een deel achtergehouden hebt van de opbrengst van het stuk grond? Als het onverkocht gebleven was, bleef het dan niet van u, en toen het verkocht was, bleef de opbrengst dan niet tot uw beschikking? Waarom toch hebt u deze daad in uw hart voorgenomen? U hebt niet tegen mensen gelogen, maar tegen God.
Toen Ananias deze woorden hoorde, viel hij neer en gaf de geest. En er ontstond grote vrees bij allen die dit hoorden. En de jonge mannen stonden op, legden hem af, droegen hem naar buiten en begroeven hem. En het gebeurde na verloop van ongeveer drie uur dat ook zijn vrouw daar binnenkwam, zonder te weten wat er gebeurd was. En Petrus antwoordde haar: Zeg mij, hebt u beiden het land voor zoveel verkocht? En zij zei: Ja, voor zoveel. Petrus zei tegen haar: Waarom toch hebt u met elkaar afgesproken de Geest van de Heere te verzoeken? Zie, de voeten van hen die uw man begraven hebben, zijn voor de deur en zullen u ook uitdragen. En zij viel onmiddellijk voor zijn voeten neer en gaf de geest. En toen de jongemannen binnen gekomen waren, troffen zij haar dood aan, en zij droegen haar naar buiten en begroeven haar bij haar man. En er kwam grote vrees over heel de gemeente en over allen die dit hoorden.

Handelingen 5:1-11 (HSV).

Wilt u meer nieuws ontvangen over Israël? Klik hier voor de dagelijkse gratis e-mail nieuwsbrief.

Laatste uitgave

Ontvang uw - gratis - dagelijkse nieuws update

Blijf op de hoogte van de gebeurtenissen in Israël via onze GRATIS nieuws update en aanbiedingen, u ontvangt deze direct in uw email inbox.