Shabbats­lezingen: Aan jullie is de keuze

Friday, May 15, 2020 |  Redactie Israeltoday.nl
God heeft ons mensen niet als marionetten gemaakt, die aan draadjes hangen en doen wat de poppenspeler wil. Hij heeft ons gemaakt als vrije mensen met een eigen wil en vraagt van ons, Hem vrijwillig te dienen, opdat Hij ons kan zegenen en in vrede laten wonen.

De Bijbelgedeelten voor de komende shabbat Behar (Op de berg) + Bechoekotai (In mijn verordeningen) zijn:
✡ Torahlezing: Leviticus 25-27,
✡ Profetenlezing: Jeremia 16:19 – 17:14,
✡ Brit Chadashah, Nieuwe Testament: Lukas 4:14-22 en Matteüs 22:1-14.
In verband met het thema wijken we daar van af.

Een gedeelte uit de Torahlezing
In Leviticus 26 stelt God zijn volk duidelijk voor de keuze: voorspoed op de akkers en vrede bij gehoor­zaam­heid, of hongersnood en vluchten voor vijanden bij ongehoorzaamheid aan Gods goede wetten.

Maar als u niet naar Mij luistert en al deze geboden niet doet, als u Mijn verordeningen verwerpt en als uw ziel van Mijn bepalingen walgt, zodat u geen enkele van Mijn geboden doet door Mijn verbond te verbreken, dan zal Ik Zelf dit met u doen: Ik zal verschrikking over u brengen, tering en koorts, die uw ogen doen bezwijken en uw leven doen wegkwijnen. U zult uw zaad voor niets zaaien, want uw vijanden zullen het opeten. Ik zal Mijn aangezicht tegen u keren, zodat u door uw vijanden verslagen wordt. Zij die u haten, zullen over u heersen. U zult op de vlucht slaan, terwijl niemand u achter­volgt.
Als u dan ondanks dit alles nog niet naar Mij luistert, dan zal Ik u vanwege uw zonden zeven keer erger straffen. Ik zal de trots op uw eigen kracht breken. Ik zal uw hemel als ijzer maken en uw aarde als brons. Uw kracht zal voor niets verbruikt worden, uw land geeft zijn opbrengst niet en de bomen op het land geven hun vruchten niet.

Leviticus 26:14-20 (HSV).

Een gedeelte uit de Profetenlezing
Ook de profeet Jeremia stelt het ongehoorzame volk de zegen en de vloek voor. Zegen voor de mens die op God vertrouwt, de vloek van honger en ballingschap uit het land voor de mens die niet op God vertrouwt maar op menselijke kracht en eigengemaakte goden.

De zonde van Juda is opgeschreven met een stift van ijzer, met een punt van diamant ingegrift op de schrijftafel van hun hart en op de hoorns van uw altaren. Zoals zij aan hun kinderen denken, denken zij aan hun altaren en hun gewijde palen, bij bladerrijke bomen, op de hoge heuvels. Mijn berg in het veld, uw vermogen, al uw schatten, zal Ik als buit geven – uw hoogten vanwege de zonde in heel uw gebied. Dan zult u – en dat om uzelf – uw erfelijk bezit, dat Ik u gegeven heb, met rust moeten laten, want Ik zal u uw vijanden doen dienen in een land dat u niet kent. U hebt immers in Mijn toorn een vuur aangestoken, dat tot in eeuwigheid zal branden.

Zo zegt de HEERE: Vervloekt is de man die vertrouwt op een mens, en die een schepsel tot zijn arm stelt, terwijl zijn hart van de HEERE afwijkt. Hij zal zijn als een kale struik in de vlakte, die het niet ziet wanneer het goede komt: hij verblijft op de droogste plekken in de woestijn, in zilt en onbewoond land.
Gezegend is de man die op de HEERE vertrouwt, wiens vertrouwen de HEERE is. Hij zal zijn als een boom, die bij water geplant is, en die zijn wortels laat uitlopen bij een waterloop. Hij merkt het niet als er hitte komt, zijn blad blijft groen. Een jaar van droogte deert hem niet, en hij houdt niet op vrucht te dragen.

Jeremia 16:1-8 (HSV).

Een gedeelte uit het Nieuwe Testament
Jezus schetst in deze gelijkenis een herkenbare situatie: een wijngaard wordt verhuurd, voor een deel van de oogst. Maar de huurders weigeren het recht van de eigenaar te erkennen, doden zijn dienaren, de profeten, en tenslotte de Zoon. Veertig jaar later werd het land van hen afgenomen in een opstand tegen de Romeinse bezetters.

Luister naar een andere gelijkenis. Er was iemand, een heer des huizes, die een wijngaard plantte. Hij zette er een omheining omheen, groef er een wijnpersbak in uit en bouwde een toren. En hij verhuurde hem aan landbouwers en ging naar het buitenland. Toen de tijd van de vruchten naderde, stuurde hij zijn dienaren naar de landbouwers om zijn vruchten te ontvangen. En de landbouwers namen zijn dienaren, sloegen de één, doodden een ander, en stenigden een derde. Nogmaals stuurde hij andere dienaren, meer in aantal dan de eerste, en zij deden met hen hetzelfde.
Ten slotte stuurde hij zijn zoon naar hen toe en zei: Voor mijn zoon zullen zij ontzag hebben. Maar toen de landbouwers de zoon zagen, zeiden zij onder elkaar: Dit is de erfgenaam. Kom, laten we hem doden en zijn erfenis voor onszelf houden. Toen ze hem gegrepen hadden, wierpen zij hem buiten de wijngaard en doodden hem.
Wanneer dan de heer van de wijngaard komen zal, wat zal hij met die landbouwers doen? Zij zeiden tegen Hem: Hij zal die kwaaddoeners een kwade dood doen sterven en zal de wijngaard aan andere landbouwers verhuren, die hem de vruchten op hun tijd zullen geven. Jezus zei tegen hen: Hebt u nooit gelezen in de Schriften: De steen die de bouwers verworpen hadden, die is tot een hoeksteen geworden; dit is door de Heere geschied, en het is wonderlijk in onze ogen? Daarom zeg Ik u dat het Koninkrijk van God van u weggenomen zal worden en aan een volk gegeven dat de vruchten ervan voortbrengt.

Matteüs 21:33-43 (HSV).

Wilt u meer nieuws ontvangen over Israël? Klik hier voor de dagelijkse gratis e-mail nieuwsbrief.

Blijf op de hoogte van de gebeurtenissen in Israël via onze GRATIS nieuws update en aanbiedingen, u ontvangt deze direct in uw email inbox.