Minister van Justitie botst met het juridische systeem

zondag 10 november 2019 |  Tsvi Sadan
De strafrechtelijke beschuldigingen tegen premier Netanyahu hebben zich geleidelijk ontwikkeld tot een totale strijd tussen het ambtenarenapparaat voor rechts­hand­having van de Staat, en de regering. Dit heeft ernstige scheuren in de Israëlische democratie blootgelegd.

Netanyahu, evenals rechtse ministers, Knesset-leden en vele anderen, beweren dat de zaken tegen hem een poging zijn om een naar behoren gekozen premier ten val te brengen. Pogingen om Netanyahu te crimina­liseren, zeggen ze, zijn niets minder dan een staats­greep, waarbij vooraanstaande journalisten hulp bieden aan politiek gemotiveerde ambtenaren van de politie, het bureau van de openbare aanklager, het bureau van de procureur-generaal en het hooggerechtshof.

Om te zorgen dat Netanyahu wordt aangeklaagd, zeggen deze critici, is het juridische systeem zo ver gegaan dat het nieuwe misdaden heeft uitgevonden, zoals in Dossier 4000, waarin Netanyahu zou kunnen worden aangeklaagd voor het omkopen van de tele­communicatie ­magnaat Shaul Elovitch, in ruil voor een positieve berichtgeving in het online Walla! nieuwsportaal.

Om zeker te zijn van een aanklacht, gingen de politie-onderzoekers en de openbare aanklager zo ver, dat zij illegale dwangmaatregelen inzetten om staatsgetuigen te rekruteren. Het laatste schandaal dat deze hele affaire tot een nieuw hoogtepunt brengt, is dat de journalist Amit Segal politieverhoren krijgt van staatsgetuige Nir Hefetz, voormalig media-adviseur van Netanyahu, waaruit duidelijk blijkt dat er illegale opsporingsmethoden worden toegepast.

De recente ondervraging van Netanyahu zelf, samen met de Likoed-woordvoerder Jonathan Urich en de huidige media-adviseur Ofer Golan, heeft ook de aanklacht van een staatsgreep aangewakkerd. De twee werden ongeveer een week geleden door politie ondervraagd over een mogelijke intimidatie van staatsgetuige Shlomo Filber, een intimidatie die naar verluidt drie maanden geleden tijdens de laatste verkiezingsperiode plaatsvond. Deze intimidatie had de vorm van luidsprekers die op een voertuig waren geplaatst dat voorbij de flat van de Filber reed en hem opriep 'Ẃees een man, vertel de waarheid....'. De focus op dit relatief onschuldige incident door de politie, die tijdens het verhoor de mobiele telefoons van Urich en Golan in beslag nam, maakte Netanyahu woedend, hij noemde het voorval 'een terreuraanslag op de democratie'.

'Geven en nemen'-relatie met journalisten
Het bericht van over over vermoedelijke politiedruk op staatsgetuige Hefetz en de politie-onderzoeken naar de naaste adviseurs van Netanyahu, en het niet-geautoriseerde doorzoeken van hun telefoons, wat gebeurde onder auspiciën van openbaar aanklager Shai Nitzan en procureur-generaal Avichai Mandelblit, was de aanleiding voor een ongekende uitbarsting van minister van Justitie Amir Ohana. Op 29 oktober riep hij een speciale persconferentie bijeen om, zoals hij het noemde, een 'Bureau van de Openbare Aanklager binnen het Bureau van de Openbare Aanklager, dat een 'geven en nemen'-relatie met journalisten onderhoudt, aan de kaak te stellen. Er zijn mensen die het zouden omschrijven als een relatie van omkoping.'

Ohana legde verder uit, dat dit 'binnenste Bureau van de Openbare Aanklager zijn tijdschema vaststelt in overeen­stemming met het politieke tijdschema, de verkiezingen en de coalitie­onderhandelingen, en onderzoeksmateriaal laat uitlekken, waardoor het zichzelf verandert in een speler op het politieke toneel'.

Op 6 november verwees minister van Justitie Ohana vanaf het podium van de Knesset naar een ander politiedocument dat op de sociale media verscheen en waarin werd onthuld, dat de politie onderzoek deed naar een vrouw die een affaire had met Hefetz en er niets mee te maken had, alleen om Hefetz onder druk te zetten om staatsgetuige te worden.

Ohana's tegenstanders wijzen er op, dat hij door het aan het licht brengen van dergelijke zaken een door de rechter opgelegd publicatieverbod heeft geschonden.

Maar in plaats van enige aanklacht in te dienen, reageerden Shai Nitzan, Avichai Mandelblit en Esther Hayut van het Hooggerechtshof met hun eigen aanval op Ohana en de hele Likoedpartij. Hayut zei dat 'dergelijke dagen, ongeëvenaard in de geschiedenis van onze regering, van ons allen vereisen om standvastig te blijven, ons werk zonder vrees, met verantwoor­delijkheid en discretie te doen, als degenen die trouw zijn aan de rechtsstaat, hem behoeden, en zijn status handhaven'. Zij benadrukte dat 'de politisering van het justitiële systeem zijn grondslagen als onafhankelijk systeem kan ondermijnen, en het vertrouwen dat het publiek in de rechterlijke macht heeft te schaden'.

In een gezamenlijke verklaring, zeiden procureur-generaal Mandelblit en openbare aanklager Nitzan, dat Ohana's bewering over onderzoekers die een belangrijke getuige afpersen, een poging was om 'het publiek te misleiden' ten voordele van zijn baas, Netanyahu. Dat Ohana de politie als daders van dergelijke opzettelijke en ernstige misdaden noemt, benadrukten zij, was een 'verdraaiing van de werkelijkheid', en ze onderstreepten dat 'het justitiële systeem' de 'beschermende muur zal blijven die de Israëlische burgers beschermt tegen misdadigers, misdaad en corruptie. Niets zal ons ervan weerhouden ons werk te doen.'

Deze verklaringen van ongekozen topfunctionarissen, die zichzelf in wezen als boven elke verdenking verheven afschilderden, hebben niets gedaan om de verdenking onder de rechtse kiezers, dat politiek gemotiveerde topambtenaren selectieve wetshandhaving toepassen om het gewenste politieke resultaat te bereiken, weg te nemen.

De bijna-permanente steun van links voor Nitzan en Mandelblit toont ook aan dat de politieke agenda's nu belangrijker zijn dan het soort goed bestuur dat essentieel is voor een democratische samenleving.

Of je het nu leuk vindt of niet, door het probleem aan te pakken dat sommigen nu 'de opstand van de Dienaren' noemen, dwingt minister Ohana van Justitie zowel de regering als het rechtssysteem om de kwestie van afvallige bureaucraten zoals Dina Zilber aan te pakken.

In haar boek Bureaucracy as Politics uit 2006 schreef Zilber dat 'een belangrijk aspect [van het rechtssysteem] moet de verschuiving van de regeringsmacht naar het centrum zijn en de mogelijkheid om doorslaggevende beslissingen over het beleid van het gekozen politieke niveau op het betreffende bureaucratische niveau heeft te nemen'. Zulke ondemocratische noties verhinderde Zilber er niet van om in 2012 plaatsvervangend procureur-generaal voor administratief en publiek recht te worden. Haar contract zal in 2020 eindigen.

Wilt u meer nieuws ontvangen over Israël? Klik hier voor de dagelijkse gratis e-mail nieuwsbrief.

Laatste uitgave

Ontvang uw - gratis - dagelijkse nieuws update

Blijf op de hoogte van de gebeurtenissen in Israël via onze GRATIS nieuws update en aanbiedingen, u ontvangt deze direct in uw email inbox.