Shabbats­lezingen: Jezus Priester zoals Melchizedek

vrijdag 8 november 2019 |  Redactie Israeltoday.nl
De priester-koning van Salem, het latere Jeruzalem, Melchizedek, is een opmerkelijk persoon. Hij kende God, diende Hem als priester, en zegende Abram na zijn veldtocht. Hij is het typebeeld van de Messias, Jezus, die priester is in eeuwigheid en de heidenen zal oordelen.

De Bijbelgedeelten voor de komende shabbat Lèch lechá (Ga, voor jezelf), zijn:
✡ Torahlezing: Genesis 12 – 17,
✡ Profetenlezing: Jesaja 40:27 – 41:16,
✡ Brit Chadashah, Nieuwe Testament: Romeinen 4:1-25.
In verband met het thema wijken we daar van af.

Een gedeelte uit de Torahlezing
Abram en zijn bondgenoten komen de inwoners van Sodom en Gomorra – waaronder zijn neef Lot – te hulp wanneer zij door vijandelijke legers zijn overvallen. Bij zijn terugkeer geeft hij de tienden van de buit aan de priester-koning Melchizedek, waarmee hij erkent dat hij de overwinning aan God te danken heeft, en wordt door Melchizedek gezegend.

Toen Abram hoorde dat zijn broeder als gevangene weggevoerd was, bewapende hij zijn geoefende man­nen die in zijn huis geboren waren, drie­honderd­achttien man, en hij achtervolgde hen tot aan Dan. Hij verdeelde zich 's nachts tegen hen in groepen, hij en zijn man­schappen, en versloeg hen; en hij achtervolgde hen tot aan cHoba, dat links van Damascus ligt. En hij bracht alle bezittingen terug, en ook zijn broeder Lot en zijn bezittingen bracht hij terug, evenals de vrouwen en het volk. Toen trok de koning van Sodom hem tegemoet, nadat hij terug­ge­keerd was van het verslaan van Kedor-Laomer en de koningen die bij hem waren, naar het dal Sjave, dat is het tegenwoordige Koningsdal.
En Melchizedek, de koning van Salem, bracht brood en wijn; hij was een priester van God, de Allerhoogste. En hij zegende hem en zei: Gezegend zij Abram door God, de Allerhoogste, Die hemel en aarde bezit! En geloofd zij God, de Allerhoogste, Die overgeleverd heeft uw tegen­standers in uw hand! En Abram gaf hem van alles een tiende deel.

Genesis 14:14-20 (HSV).

Een gedeelte uit de Profetenlezing
In deze psalm over de priester-koning, geschreven door of voor David, wordt de overwinnende Messias beschreven, die priester en koning is naar de ordening van Melchizedek. Hij zal met zijn volk het oordeel over de (heiden)volken voltrekken.

Van David, een psalm. De HEER spreekt tot mijn Heer: 'Neem plaats aan Mijn rechterhand, Ik maak van uw vijanden een bank voor je voeten'. Uit Sion reikt de HEER u de scepter van de macht, u zult heersen over uw vijanden.
Uw volk staat klaar op de dag dat u ten strijde trekt. Op de heilige bergen, uit de schoot van de dageraad komt tot u de dauw van uw jeugd.
De HEER heeft gezworen, en komt op zijn eed niet terug: je bent priester voor eeuwig, zoals ook Melchizedek was. De Heer aan Uw rechterhand verplettert koningen op de dag van zijn toorn. Hij berecht de volken, verplettert hoofden, overal op aarde, lijken stapelen zich op. Hij drinkt onderweg uit de beek, en dan heft hij zijn hoofd.

Psalm 110 (NBV)

Een gedeelte uit het Nieuwe Testament
De schrijver van de brief aan de Hebreeën wijst de Joden, die sterk vast houden aan de levitische priester­dienst in de tempel, op een hoger priesterschap, het priesterschap van Jezus de Messias, die net zoals Melchizedek niet uit de stam van Levi komt, maar door God zelf is aangesteld, en eeuwig leeft om onze gebeden te horen en ons te zegenen.

Deze Melchizedek was namelijk koning van Salem, een priester van de allerhoogste God. Hij ging Abraham tegemoet, toen die terugkeerde na het verslaan van de koningen, en zegende hem. Aan hem gaf Abraham ook van alles het tiende deel. In de eerste plaats was hij – aldus de vertaling van zijn naam – koning van de gerechtigheid en verder was hij ook koning van Salem, dat is koning van de vrede. Zonder vader, zonder moeder, zonder stamboom kent hij geen begin van dagen en ook geen levenseinde, maar aan de Zoon van God gelijkgemaakt, blijft hij in eeuwigheid priester. Merk nu op hoe groot hij geweest is, iemand aan wie de aartsvader Abraham zelfs een tiende deel van de buit gegeven heeft.
Diegenen uit de zonen van Levi die het priesterschap ontvangen, hebben wel volgens de wet de opdracht om tienden te nemen van het volk, dat is van hun broeders, hoewel die ook uit het lichaam van Abraham voort­ge­komen zijn. Hij echter, die niet van hen afstamt, heeft van Abraham tienden genomen, en hij heeft hem gezegend die de beloften gekregen had. Nu is het ontegenzeglijk zo dat wat minder is, gezegend wordt door wat meer is. En hier nemen sterfelijke mensen tienden, maar daar nam iemand ze van wie getuigd wordt dat hij leeft. En – om zo te zeggen – ook Levi, die tienden neemt, heeft door Abraham tienden gegeven. Want hij was nog in het lichaam van zijn vader, toen Melchizedek hem tegemoet ging.

Hebreeën 7:1-10 (HSV).

Voor een uitwerkingen van deze sidra voor een Bijbelleeskring, zie Genesis-13.pdf

Wilt u meer nieuws ontvangen over Israël? Klik hier voor de dagelijkse gratis e-mail nieuwsbrief.

Blijf op de hoogte van de gebeurtenissen in Israël via onze GRATIS nieuws update en aanbiedingen, u ontvangt deze direct in uw email inbox.