Het donkere verleden en heden van Turkije onthuld

maandag 20 mei 2019 |  Yochanan Visser
Eind april vond de jaarlijkse herdenking plaats van de Turkse vernietiging van de Armeense christelijke gemeenschap. Israëlische wetgevers riepen destijds opnieuw op tot officiële erkenning van de genocide door drie opeenvolgende Turkse regeringen aan het begin van de vorige eeuw.

Yair Lapid is een van de leiders van de op een na grootste politieke partij (Blauw en Wit) van Israël. Hij zei: ‘Het is tijd dat Israël de genocide op het Armeense volk officieel erkent en ophoudt met het toegeven aan de Turkse druk.’ ‘We hebben een morele en historische verantwoordelijkheid om de genocide te herdenken en om een ‘nooit meer’ te steunen. Dit geldt voor elke natie,’ tweette Lapid later.
Tot nu toe heeft Israël geweigerd om de Armeense genocide officieel te erkennen om de Turkse regering niet te ergeren. Dit ondanks een stemming die in augustus 2016 werd gehouden door de Knesset Education Committee en waarin werd gepleit voor officiële erkenning door de Israëlische regering.

De huidige leider van Turkije, Recep Tayyip Erdogan, ontkent met klem de Armeense bewering over de genocide. Deze genocide bestond onder meer uit massamoorden en gedwongen deportaties van ongeveer twee miljoen christenen door Turkse moslims en andere moslims gedurende een periode van dertig jaar (1894-1924).

De Turkse autocratische leider veroordeelt routinematig leiders van buitenlandse regeringen die durven op te komen voor de waarheid over het duistere verleden van Turkije. Eind april heeft Erdogan de Franse president Emmanuel Macron scherp bekritiseerd omdat hij de Armeense genocide erkent.
In 2001 erkende Frankrijk in navolging van dertig andere regeringen de Turkse verantwoordelijkheid voor de genocide en andere wreedheden tegen christenen. Onlangs besloot Macron een ‘nationale herdenkingsdag voor de Armeense genocide’ in te stellen. Erdogan vertelde een menigte aanhangers dat Macron eerst ‘eerlijk in de politiek’ moest zijn en beweerde dat Frankrijk ‘bloedbaden’ had aangericht tijdens het koloniale tijdperk.
‘Een boodschap overbrengen aan 700.000 Armeniërs die in Frankrijk wonen, zal u niet redden, mijnheer Macron,’ waarschuwde de Turkse heethoofdige leider.

Het geschil over dit gedeelte van Turkije's duistere verleden is al tientallen jaren aan de gang, maar nu hebben twee Israëlische historici, die zich baseren op wetenschappelijk onderzoek, het onweerlegbare bewijs geleverd dat Turkije zich schuldig heeft gemaakt aan het voeren van een bloedige campagne. Die duurde dertig jaar lang en zorgde ervoor dat de christelijke gemeenschap in het land bijna uitstierf.
Professor Benny Morris en zijn collega, professor Dror Ze'evi, beiden van de Ben Gurion Universiteit in de Negev-woestijn, publiceerden onlangs hun nieuwe boek 'The Thirty-Year Genocide: Turkey’s Destruction of Its Christian Minorities, 1894-1924'. (De dertigjarige genocide: Turkije's vernietiging van zijn christelijke minderheden, 1894-1924). In het boek toonden Morris en Ze'evi aan dat de eigenlijke genocide die in 1915 en 1916 plaatsvond ‘deel uitmaakte van een grotere uitroeiingsperiode die ongeveer 30 jaar duurde.’

De twee wetenschappers ‘doorzochten de Turkse, Amerikaanse, Britse en Franse archieven, evenals enkele Griekse materialen en de papieren van de Duitse en Oostenrijks-Hongaarse ministeries van Buitenlandse Zaken’. Zij kwamen tot de conclusie dat Armeense christenen de waarheid spraken toen zij beweerden dat ‘de Turken ongeveer de helft van hun voorouders vermoordden en de rest verdreven.’
Morris en Ze'evi zeggen dat de moorddadige campagne tegen de christenen werd aangewakkerd door ‘religieuze animus’ en dat ‘moslims, waaronder Koerden, Circassiërs, Tsjetsjenen en Arabieren, ongeveer twee miljoen christenen hebben vermoord tijdens slachtpartijen vlak voor, tijdens en na de Eerste Wereldoorlog.’

Drie Turkse regeringen, waaronder de regering van Atatürk, waren ook verantwoordelijk voor het verdrijven van anderhalf tot twee miljoen christenen. Volgens de twee professoren van de Ben Goerion Universiteit vluchtten deze christenen meestal naar Griekenland.
Morris en Ze'evi geloven Erdogans bewering niet dat de vermoorde christenen tijdens de Eerste Wereldoorlog om het leven zijn gekomen als gevolg van ‘zware omstandigheden’.
Zij schreven dat naast de massamoorden duizenden christelijke vrouwen verkracht, ontvoerd en gedwongen bekeerd werden tot de islam. De ontvoerde vrouwen werden niet alleen verkracht, maar ook als slaven verkocht op markten tot aan Aleppo, Damascus en Bagdad, een praktijk die onlangs werd gekopieerd door de Islamitische Staat groep.

‘Het Duitse volk en de regering hebben de genocidale verschrikkingen van het Derde Rijk al lang erkend, financiële herstelbetalingen gedaan, diep berouw geuit en gewerkt om racisme af te zweren. Maar elke Turkse regering sinds 1924 - samen met de meeste Turken - heeft de pijnlijke geschiedenis die we aan het licht hebben gebracht nog steeds ontkend,’ schreven Morris en Ze'evi aan het eind van een essay dat afgelopen vrijdag in de Wall Street Journal is gepubliceerd.

Tot nu toe blijft het stil van Erdogans kant over de publicatie van het boek van Morris en Ze'evi. Ondertussen blijft hij Israël bekritiseren over de aanpak van Palestijnse Arabieren die de Israëlische bevolkingscentra terroriseren met hun raketten en vuurballonnen.
De Turkse dictator noemde de Israëlische premier Benyamin Netanyahu onlangs een ‘wrede onderdrukker’ die zich in ‘staatsterreur’ verlustigde. Tijdens een toespraak op de Turkse televisie begin mei beschuldigde Erdogan Israël er bovendien van ‘zonden, misdaden tegen de menselijkheid en bloedbaden’ te hebben begaan.

Erdogans critici zeggen dat hij Turkije ‘terugbrengt naar zijn begin’ en het land verandert in ‘een dictatuur die gekenmerkt wordt door moordteams en angst.’ De Turkse dictator gaat door met zijn hardhandige optreden tegen academici, journalisten, studenten en anderen die zich durven uit te spreken tegen wat hij in Turkije en andere landen in het Midden-Oosten doet.
Deze landen zijn onder andere Syrië en Libanon. In Syrië helpt Erdogan islamitische groepen in de voortdurende burgeroorlog. In Libië werd hij net betrapt op het schenden van een VN-wapenembargo door wapens te leveren aan islamitische milities.

Een Joodse Turkse vrouw die deze verslaggever onlangs in een Europese stad interviewde, zei dat Turkse Joden Erdogan steeds vaker vergelijken met Hitler. Ook waarschuwde ze dat Turkije op weg was om een bedreiging te worden, niet alleen voor Israël maar voor de hele wereld.

Wilt u meer nieuws ontvangen over Israël? Klik hier voor de dagelijkse gratis e-mail nieuwsbrief.

Blijf op de hoogte van de gebeurtenissen in Israël via onze GRATIS nieuws update en aanbiedingen, u ontvangt deze direct in uw email inbox.