Shabbatslezingen 5 januari: God ontfermt zich

vrijdag 4 januari 2019 |  Redactie Israeltoday.nl
God laat zich kennen als een genadige Heer. Hij ontfermt zich over mensen van wie het hart uitgaat naar Hem, mensen die tot Hem roepen. Niet op grond van eigen verdiensten, van goede werken, ontfermt God zich, leidt Hij uit de slavernij, maakt ons levend met Christus.

De Bijbelgedeelten voor voor de komende shabbat Wa'era (En Hij verscheen) zijn:
✡ Torahlezing: Exodus 6:2 – 9:35
✡ Profetenlezing: Ezechiël 28:25 – 29:21,
✡ Brit Chadashah, Nieuwe Testament: Openbaring 16:1-21.
In verband met het thema wijken we hiervan af.

Een gedeelten uit de Torahlezing
God heeft het gekerm gehoord van de Israëlieten, die als slaven zuchtten onder de dwangarbeid van de Egyptenaren, en Hij zal zich over hen ontfermen en hen uitleiden naar het aan hen beloofde land.

Toen sprak God tot Mozes en zei tegen hem: Ik ben de HEERE. Ik ben aan Abraham, Izak en Jakob verschenen als God de Almachtige, maar met Mijn Naam HEERE ben Ik hun niet bekend geweest. Ook heb Ik Mijn verbond met hen gesloten om hun het land Kanaän te geven, het land van hun vreemdelingschap, waarin zij als vreemdeling verbleven. Bovendien heb Ik Zelf het gekerm gehoord van de Israëlieten, die de Egyptenaren voor zich laten werken, en Ik heb aan Mijn verbond gedacht.
Zeg daarom tegen de Israëlieten: Ik ben de HEERE. Ik zal u uitleiden van onder de dwangarbeid van de Egyptenaren. Ik zal u redden uit hun slavernij en u verlossen door een uitgestrekte arm en door zware strafgerichten. Ik zal u tot Mijn volk aannemen en Ik zal u tot een God zijn. Dan zult u weten dat Ik de HEERE, uw God, ben, Die u uitleidt van onder de dwangarbeid van de Egyptenaren. Ik zal u brengen in het land waarvoor Ik Mijn hand opgeheven heb, dat Ik het aan Abraham, Izak en Jakob geven zou. Ik zal het u in erfelijk bezit geven, Ik, de HEERE. Zo sprak Mozes tot de Israëlieten, maar zij luisterden niet naar Mozes door hun moedeloosheid en de harde slavenarbeid.

Exodus 6:1-8 (HSV)

Een gedeelte uit de Profetenlezing
In de tijd van de Babylonische ballingschap mag de profeet Ezechiël de Israëlieten Gods ontferming en terugkeer naar hun land aanzeggen.

Zo zegt de Heere HEERE: Als Ik het huis van Israël bijeengebracht heb uit de volken waaronder zij verspreid zijn, en Ik door hen voor de ogen van de heidenvolken geheiligd word, dan zullen zij in hun land wonen, dat Ik Mijn dienaar Jakob gegeven heb. Zij zullen er onbezorgd wonen, huizen bouwen en wijngaarden planten. Ja, zij zullen er onbezorgd wonen, zodra Ik strafgerichten heb voltrokken aan allen die hen verachten onder hen die hen omringen. Dan zullen zij weten dat Ik, de HEERE, hun God ben.
Ezechiël 28:25-26 (HSV).

Een gedeelte uit het Nieuwe Testament
Niet op grond van onze eigen prestaties, onze eigen werken, maar op grond van zijn liefde en genade ontfermt God zich over mensen die hun vertrouwen stellen op Hem, die in Hem geloven.

Maar God, Die rijk is in barmhartigheid, heeft ons door Zijn grote liefde, waarmee Hij ons liefgehad heeft, ook toen wij dood waren door de overtredingen, met Christus levend gemaakt – uit genade bent u zalig geworden – en heeft ons met Hem opgewekt en met Hem in de hemelse gewesten gezet in Christus Jezus, opdat Hij in de komende eeuwen de allesovertreffende rijkdom van Zijn genade zou bewijzen, door de goedertierenheid over ons in Christus Jezus.
Want uit genade bent u zalig geworden, door het geloof, en dat niet uit u, het is de gave van God; niet uit werken, opdat niemand zou roemen. Want wij zijn Zijn maaksel, geschapen in Christus Jezus om goede werken te doen, die God van tevoren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen.

Efeziërs 2:4-10 (HSV).

Blijf op de hoogte van de gebeurtenissen in Israël via onze GRATIS nieuws update en aanbiedingen, u ontvangt deze direct in uw email inbox.