Zelfvernietiging in opdracht van de volken

dinsdag 28 februari 2017 |  Aviel Schneider
Enkele weken geleden ontruimden Israëlische politieagenten en soldaten de buitenpost Amona in het Bijbelse hartland Judea en Samaria. Deze gebeurtenis zette mij opnieuw aan het denken. Het is niet de eerste keer dat een Joodse nederzetting wordt ontruimd. Iedere keer wanneer de overheid besluit om Joodse nederzettingen te ontruimen, zien we de verdeeldheid binnen de samenleving toenemen.

Joden deporteren Joden in Amona (Foto: Jonathan Sindel/Flash90).

Israël wordt door de internationale gemeenschap moraliserend toegesproken. Israël wordt verweten dat het land van de Palestijnen heeft gestolen. De Bijbelse geschiedenis van Israël wordt daarbij volledig buiten beschouwing gelaten. Alsof het om fabeltjes gaat.

Onder druk van het Westen doen Israëlische regeringen uiteindelijk vaak wat andere landen willen. Maar wanneer de Israëlische overheid blijft buigen voor de eisen van de internationale gemeenschap, leidt het tot zelfvernietiging van het beloofde land. Het gevaar van zelfvernietiging wordt nog eens extra groot als Joden onderling strijden over het wel of niet ontruimen van nederzettingen.

In 1982 evacueerde Israël voor het eerst Joodse inwoners uit de Sinaï. Het ging toen om de Israëlische stad Jamit in het noordoosten van het schiereiland. Daar woonden op dat moment 650 families. De ontruiming was een van de voorwaarden in het vredesakkoord, in ruil voor de teruggave van de Sinaï aan Egypte. De Egyptenaren wilden de Gazastrook overigens onder geen beding terug hebben. Daarmee wentelde Egypte het Gazaprobleem af op Israël.

Ook al is de Sinaï niet te vergelijken met wat in Judea en Samaria gebeurt, toch werd met deze eerste evacuatie duidelijk wat de maatschappelijke gevolgen zijn als Joden hun eigen broeders uit hun woningen moeten zetten. Net als in Jamit 35 jaar geleden, moesten in Amona politieagenten en soldaten de Joodse inwoners met geweld van de daken van hun eigendom slepen.

In 2005 werden de Joodse nederzettingen in Gaza ontruimd. Premier Ariel Sharon had besloten om het gezag over Gaza over te dragen aan de Palestijnen. De Joodse inwoners van de nederzettingen in Gaza moesten daarom worden geëvacueerd. Tijdens de dramatische ontruimingsactie hadden Israëlische politie-agenten en soldaten bevel gekregen om hun Joodse broeders en zusters uit hun huizen en appartementen te halen. Het ging om 8500 Joodse inwoners. Bijna driekwart van de Israëlische bevolking stemde in met deze ontruiming.

De beslissing om Gaza af te stoten had onder meer te maken met de enorme veiligheidsmaatregelen die genomen moesten worden om de Joodse pioniers te kunnen beschermen tegen de Palestijnse bevolking in de Gazastrook. Reservisten en hun families die niet op de hoogte waren van de situatie in Gaza, twijfelden aan het nut van de jaarlijks terugkerende dienstplicht die reservisten moesten vervullen in de Gazastrook.

Door wat er daarna gebeurde en Gaza een kruitvat werd dat de Joodse burgers dagelijks bedreigd, is de Joodse samenleving nu tot op het bot verdeeld over de zoveelste ontruiming in Amona. De meeste Israëli’s weten dat Israël gevaar loopt als het Westen blijft eisen dat Israël de Bijbelse gebieden Judea en Samaria opgeeft in ruil voor een uiterst onzekere vrede. Niemand in het Westen kan immers die vrede garanderen.

Dit artikel verschijnt in zijn geheel in het maartnummer van het Israel Today Magazine. Klik hier voor een abonnement.

Laatste uitgave

Ontvang uw - gratis - dagelijkse nieuws update

Blijf op de hoogte van de gebeurtenissen in Israël via onze GRATIS nieuws update en aanbiedingen, u ontvangt deze direct in uw email inbox.